Grondlegger: Jan Maat    -    Sinds  1996

                    Arboretum - Heempark 
                          in GIETHOORN

                      Wie een boom plant,
                    plant hoop !
                          Be the first of your friends to see this













De foto rechts is de GinkgoBiloba Japan-se Noten-boom. Arb.nr.29

"De natuur is het bewonderswaardigst 
in de kleine dingen",

Een spreuk afkomsig van:
Plinius de Oudere,
een Romeins militair en letterkundige 
uit 23 tot 79 na Christus

 

Een B O O M 

Een boom is een overblijvende plant met een verhoute stam en een kroon of kruin. De meeste definities over de omschrijving van een boom noemen het bezit van één stam en een hoogte van meer dan 4 meter als bepalend. Daar onder noemt men het een struik.

Een boom kan afhankelijk van de soort tot meer dan honderd meter hoog worden en groeien op zeer verschillende gronden. De mangrove-soorten groeien zelfs op brak water.

Een boom kan afhankelijk van de soort en de omstandigheden heel oud worden, van vele honderden tot enkele duizenden jaren. Zo kan de JAPANSE NOTENBOOM ( Arboretum nr. 29 en zie hiernaast) meer dan 1000 jaar oud worden; in China is de oudste Japanse Notenboom ongeveer 3500 jaar oud. Wilg ( Arboretum nr. 82 en 83) en Populier ( Arboretum nr. 107) behoren tot de boomsoorten die meestal niet meer dan 100 jaar oud worden. 
Vanwege het formaat spelen bomen vaak een hoofdrol in levensgemeenschappen met een boomlaag. Vogels bouwen er hun nest, mossen, korstmossen, schimmels en algen leven epifytisch op de stam, op de takken en soms op de bladeren. Insecten leven van de bladeren of het hoput  (o.a. de houtworm). Sluipwespen parasiteren weer op deze insecten. Ook is de boom vanwege vruchten en zaden een belangrijke voedselbron voor onder ander apen, eekhoorns en vogels. 
De mens gebruikt de boom naast voedselproduktie en sier ook voor de produktie van timmer- en brandhout.

1. Stam
De stam van een boom bestaat uit een cilinder van hout. Om deze cilinder van hout bevindt zich een laag van delingsweefsel, het cambium, dat naar binnen toe hout en naar buiten toe bastweefsel afzet. Hierdoor groeit de boom in de dikte; de z.g. secundaire diktegroei. Afhankelijk van het klimaat kan een boom, al dan niet, groeiringen (jaarringen) vormen. Het staat echter niet zonder meer vast dat er elk jaar een ring gevormd wordt; ook schijnringen komen voor.

2. Takken

Een tak is ondeel van een boom of een struik. Op de takken staan de blad-,bloem- en eventueel gemengde (bladeren en bloemen in dezelfde knop) knoppen. De knoppen kunnen tegenover elkaar, in kransen of verspreid staan. Aan het eind van de tak staat een eindknop. Officieel is een tak pas een tak als die 3 jaar oud is.Daarvoor wordt het een twijg genoemd. Een twijg is dus een 1- of 2- jarigehoutige stengel.

3. Bladeren

De meeste bomen hebben bladeren. Ze zien er niet altijd uit als bladeren, maar hebben soms een zeer smalle bladschijf, zoals bij naaldbomen. Er zijn bladverliezende en groenblijvende bomen. De loofbomen in de gebieden buiten de tropen en subtropen verliezen hun blad waardoor ze een droge of een koude periode kunnen overleven. De meeste naalbomen behouden echter hun naalden.  De LARIKS of LORK is een bladverliezende naaldboom. In het ARBORETUM 'Giethoorn' zijn aanwezig de LARIX Keampferi - Japanse Lariks - nr. 24   &   de LARIX Decidua - Europese Lariks - nr. 134

Loofbomen in de tropen kunnen afhankelijk van de soort hun blad behouden of verliezen. Bladverliezende soorten laten hun blad in de droge tijden vallen en passen daarmee hun waterbehoefte aan. 

4. Wortel

Uit het zaad wordt een hoofdwortel of penwortel gevormd. Deze wortel kan diep in de grond doordringen en zorgt voor een balangrijk deel voor de verankering van de boom. Door het wegspoelen van grond kunnen de wortels gedeeltelijk bloot komen te liggen. Sommige soorten maken ook luchtwortels.

5. Vrucht

Bij bomen treedt pas bloei en vruchtdracht op nadat ze overgegaan zijn van de juveniele naar de volwassen (adulte) fase. Dit kan variëren van enkele tot tientallen jaren.  Daarnaast komt bij veel soorten beurtjaren voor. In het jaar met een zware vruchtdracht wordt wel van een mastjaar gesproken. Hierna treedt 1 tot 4 jaar geen vruchtdracht op, omdat de boom over onvoldoende reservestoffen beschikt. In de fruittteelt worden beurtjaren tegengegaan door de aanplant van rassen die weinig beurtjaar gevoelig zijn en door vruchtdunning

Bloei kan optreden op kortloten, langloten of op beiden. Tussen de boomsoorten zijn hier verschillen in.

Aan bomen komen in het algemeen dezelfde typen vruchten voor als aan kruidachtige planten. Sommige bomen, zoals de cacaoboom, heeft cauliflore vruchten. De bloei en vruchtdracht vinden op de stam plaats. Cauliflorie maakt het mogelijk om zware vruchten te vormen, die door zwakkere takken niet gedragen zouden kunnen worden. 

GEBRUIK en GEBRUIKSTYPE

Bomen kunnen naar gebruikstype als volgt gerangschikt worden:

  • Bosboom, onder andere:   Eik, Es, Beuk, Den, Spar
  • Laanboom, onder andere:  Linde, Eik, Populier, Beuk
  • Straatboom, onder andere:  Berk, Eik, Beuk, Esdoorn, Paardenkastanje, Sierkers
  • Parkboom, onder andere:  Linde
  • Sierboom, onder andere: Sierkers, Magnolia
  • Kerstboom
  • Herdenkingsboom, vooral de Linde, onder andere bij geboorte Koninklijk Huis, 5 mei bevrijding 2e Wereldoorlog
  • Vrijheidsboom
  • Fruitboom, onder andere: Appel, Peer, Kers, Perzik, Abrikoos, Vijg

RELIGIE
  • Wereldwijd worden bomen gebruikt als heiligdom en in West-Europa was dit vooral in voorchristelijke tijden het geval. Bij deze bomen voerde men rituelen uit. Een voorbeeld van een nog steeds bestaande boom is de Heilige Eik bij Den Hout (Oosterhout).
  • In de Noordse kosmogonie is Yggdrasil de naam van de "Wereldboom".
  • Ook in vroeg-christelijke tijden werden bomen gebruikt. Zo bestonden er lapjes- of koortsbomen, waaraan lijfgoed werd gehangen in de veronderstelling dat koorts daardoor verminderde. Anno 2015 zijn er nog lapjes- of koorstbomen te vinden in het Liesbos bij Breda en bij de Sint-Walrickskapel van Overasselt. 
  • Vergelijkbaar is de breukenboom in Yde (Drenthe). In het dorp staan, bij een voormalige smidse, twee breukenbomen. Dit zijn heilige bomen die lijders aan breuken kunnen genezen, als men aan het volksgeloof waarde hecht. In het verleden gingen breuklijders naar Yde naar de smid Willem Nijenhuis. Zij moesten drie spijkers in de boom slaan, terwijl de smid zijn spreuk murmelde. Als de schors over de kop van de spijkers was gegroeid, zou de patiënt genezen zijn.
  • Ook de kinderboom, de boom waar de kinderen vandaan komen, is een overblijfsel van oud bijgeloof. 

MARKANTE BOMEN in NEDERLAND

  • MARKANTE BOOM in DWARSGRACHT (Giethoorn)

In het midden van het dorp staat één van de dikste en oudste essen van ons land. De boom werd geplant rond het jaar 1800 en heeft inmiddels een stamomvang van 415 centimeter. De hoogte is 25 meter. Kooiker Gerrit Jansz. Otter bouwde in 1882 een huis achter de boom. De wortels van de es hebben door de jaren heen rond het huis een forse bult opgeworpen. Het geheel staat in de volksmond bekend als 'de Essenbult'. Het huis heet: de  'ESSENBELT'

  • De hoogste boom in Nederland staat op het Koninklijk landgoed Het Loo bij Apeldoorn. Het is een Douglasspar van    49.75 m. hoog, van +/- 1865 
  • De Kroezeboom van Fleringen, nabij Tubbergen. Een zomereik geplant in 1550
  • De Dikke Boom van Verwolde, bij Laren (Geld.). Geschatte leeftijd 450 jaar
  • De Wodanseiken van Wolfheze. Geschatte leeftijd 300 tot 450 jaar
  • De Kroezeboom van Ruurlo. Geschatte leeftijd 350 tot 400 jaar
  • De Kozakkeneik van Delden. Geschatte leeftijd 300 jaar
  • Verschillende Eiken bij Paleis Het Loo in Apeldoorn. Geschatte leeftijd 310 jaar
  • De Reuzeneik van Vorden. Geplant in 1750
  • De Zomereik op Landgoed Hilverbeek, 's Gravenland. Geschatte leeftijd 300 jaar
  • De Julianabeuk in Dwingeloo. Geschatte leeft. 450-500 jaar. In maart 2011 omgezaagd, schimmel op de stam.
  • De Linde van Sambeek met een omtrek van 7.9 meter. De dikste Linde van ons land. Geschatte leeft. 300-500 jaar.
  • De Moeierboom (een zomerlinde) van Etten-Leur. Geschatte leeftijd 300-350 jaar
  • De Plataan in Elden bij het witte Kerkje. Geschatte leeftijd 300-325 jaar
  • De Reuzenbeuk op Landgoed den Bramel bij Vorden. Had een omtrek van 744 cm. In 2009 gestorven. Geschatte leeftijd 300-350 jaar
  • De Kabouterboom, een tamme kastanje  (Castanea Sativa) in het Nationaal Park 'Berg en Dal' bij Beek-Ubbergen. Omtrek 8.33m. Geschatte leeftijd 350-400 jaar